Pedagogisch werkplan

Pedagogisch werk/beleidsplan

1. Verantwoordelijkheid

1.1 Communicatie
1.2 Privacy
1.3 Sociale media
1.4 Klachten

2. Voorwaarden gastouder en locatie

2.1 Achterwacht
2.2 Speel- en slaapruimte
2.3 Risico inventarisatie
2.4 Vervoer
2.5 Ongevallen registratie
2.6 Kindermishandeling en Meldcode Huiselijk Geweld

3. Pedagogische doelen

3.1 Het bieden van een gevoel van emotionele veiligheid
3.2 Ontwikkeling van persoonlijke competenties
3.3 Ontwikkeling van sociaal emotionele competenties
3.4 Normen en waarden

4. Kenmerken van de gastouderopvang

5. Voorwaarden en kwaliteitsbewaking bij Ilja

Inleiding

Sinds 2014 bied ik onder de naam: Christelijk Gastouder Ilja geregistreerde gastouderopvang bij mij thuis.
Ik woon aan Het Kasteel 123 te Apeldoorn, samen met mijn man John en onze twee kinderen. (Brian: 02-04-2003, Lynn: 20-04-2007)
Er zijn geen huisdieren aanwezig.
Voor mij is het vanzelfsprekend dat ieder kind in een veilige en gezonde omgeving wordt opgevangen. Daarin is rust, ritme en regelmaat dan ook erg belangrijk bij de opvoeding/ontwikkeling van ieder kind. Ik draag mijn christelijke identiteit uit naar de kinderen, maar heb ook respect voor kinderen en ouders die een ander of geen geloof hebben.

Gastouderopvang:
Gastouderopvang is de opvang van kinderen in mijn eigen woning. Het kind draait mee in ons gezin, waarbij wel rekening wordt gehouden met de opvoedingswensen en levensbeschouwelijke overtuiging van de vraagouders. Maar ook rekening wordt gehouden met het groepje kinderen die er die dag zijn. Als gastouder maak ik ook individuele afspraken met de vraagouders over de pedagogische invulling van de opvang. Als gastouder houd ik mij aan de wettelijke afspraken over hoeveel kinderen ik mag opvangen per dag, gelet op de leeftijdsopbouw van de groep. In mijn geval is dat max. 6 kinderen.

Gastouder en gastouderbureau (samenwerking):
Ik ben als gastouder niet in loondienst van het gastouderbureau. Het gastouderbureau heeft een kassier functie en bemiddelingsfunctie. De afspraken tussen ons zijn vastgelegd in een overeenkomst. De taak van het gastouderbureau ligt hierbij vooral op het scheppen van goede voorwaarden, begeleiding en bewaking van elke specifieke koppeling.

Visie gastouderopvang:
Ik werk vanuit mijn eigen gezinssituatie met een overeenkomst van opdracht met de vraagouder. Met de vraagouder maak ik individuele afspraken over de pedagogische opvoeding en de lichamelijke verzorging.

1. Verantwoordelijkheid

1.1 Communicatie

Ik vind het vooral belangrijk om te overleggen met elkaar, dat wil zeggen dat er overleg met de vraagouders is en met de verschillende gastouderbureaus. Hierin wordt ook het groepsbelang meegenomen, soms werk ik net even anders als thuis, omdat ik met meerdere kinderen tegelijk werk. Ik verwacht een open en eerlijk contact tussen de vraagouders, het gastouderbureau en mij. Deze samenwerking zorgt voor een goede basis van de opvang die bij mij plaatsvindt.
Zo nodig wordt u geïnformeerd, per brief/mail of met een mondelinge overdracht over de laatste ontwikkelingen, leuke nieuwtjes etc.

Iedere keer dat een vraagouder zijn/haar kind bij mij komt brengen/halen zorg ik voor een mondelinge overdacht. De mondelinge overdracht is vaak niet zo heel lang, hier wordt kort besproken of er bijzonderheden zijn of hoe de dag is verlopen. Dit omdat er meestal ook nog andere kinderen aanwezig zijn, die ook weer hun aandacht nodig hebben. Er kan ook een schriftelijke overdracht (dagboekje) plaats vinden. Daarin kan de vraagouder thuis ook altijd nog even nalezen wat een kind bijv. Heeft gegeten en gedronken en wanneer het kind heeft geslapen. Mijn advies hierin is, om het boekje te schrijven tot ongeveer 1 jaar. Daarna gaat de ontwikkeling minder snel en wordt het eet/drink patroon ook redelijk hetzelfde. Uitzonderingen kunnen dan ook prima via de app of mondeling worden doorgegeven. Aandacht voor de kinderen gaat altijd voor. Ook worden er regelmatig foto’s van het kinderen gemaakt die per app worden verstuurd. Hierbij ga ik ervan uit dat ouders de foto’s/filmpjes niet op sociaal media plaatsen als er andere kinderen bij op staan.

De vraagouders hebben bij mij ook de mogelijkheid om tussendoor te bellen of een appje te sturen, om te vragen hoe het met hun kind gaat. Als ik er tijd voor heb, reageer ik zo snel mogelijk terug.
Wilt u een uitgebreid gesprek laat het dan even weten of maak gelijk een afspraak, want ook dat is natuurlijk mogelijk.

1.2 Privacy

Ik vind het erg belangrijk dat de privacy wordt gewaarborgd. De informatie die ik ontvang van de vraagouders wordt met zorg behandeld. Die informatie bestaat uit:

* Persoonsgegevens van de vraagouders en de daarbij behorende kinderen, zoals naam, adres, woonplaats, telefoonnummer, mailadres en geboortedata.
* Gegevens van medische en pedagogische aard.
* En eventuele privé omstandigheden die voor mij belangrijk zijn om te weten.

De gegevens van de vraagouders worden alleen gebruikt om tot een goede dienstverlening te kunnen komen. Deze gegevens zullen nooit aan derden worden verstrekt, of een vraagouder moet hier zelf toestemming voor hebben gegeven. In een noodsituatie kan het wel voorkomen dat de achterwacht van mij deze gegevens in kan zien om juist te kunnen handelen.

1.3 Sociale media

Social media is niet meer weg te denken in onze maatschappij. Ook ik maak gebruik van sociale media; zo is er een bedrijfspagina van Facebook en wordt er gebruik gemaakt van een eigen website (www.chr-gastouderilja.nl). Daar vindt u ook nog de nodige aanvullende informatie.
Er wordt aan de vraagouders gevraagd of ze schriftelijk wel of geen toestemming geven voor het plaatsen van foto’s op sociaal media van hun kind(eren).
Bij het koppelingsgesprek krijgen de ouders een formulier mee naar huis waarin ze dit kunnen aangeven. Dit formulier wordt het liefst voor de aanvang van de eerste opvang dag en uiterlijk op de eerste dag weer ingeleverd en zorgvuldig bewaard in de map kind gegevens.

1.4 Klachten

Ik vind het fijn dat wanneer er klachten zijn, dat deze ook direct persoonlijk met mij worden besproken. Het kan natuurlijk zo zijn dat de vraagouder(s) er met mij niet samen uit kunnen komen; dan wordt er advies en/of hulp gevraagd. Ik draag er dan zorg voor dat het betreffende gastouderbureau op de hoogte wordt gesteld en dat er samen naar een oplossing gekeken kan worden.

2. Voorwaarden gastouder en locatie

Naast de eisen die vanuit de overheid zijn gesteld, draag ik er zorg voor dat er altijd een positieve houding is ten opzichte van de kinderopvang.
Ik weet wat het inhoud om kinderen in mijn eigen huis op te vangen en ben me daar ook bewust van. Ook mijn gezin draait hierin mee.
Ik ben bereid om met diverse gastouderbureaus samen te werken en ben op de hoogte van de verschillende pedagogische beleidsplannen. Zelf heb ik mijn eigen pedagogische werkplan.

2.1 Achterwacht

Als ik meer dan 3 kinderen opvang, heb ik een achterwacht. Deze kan in noodsituaties binnen 15 minuten bij mij zijn.
Bij mij zijn er twee achterwachten. De eerste achterwacht is mijn man John die ook de opleiding voor gastouder heeft gedaan; de kinderen zien hem geregeld en kennen hem ook goed door zijn wisselende diensten in de zorg is hij overdag vaak thuis. Hij heeft ook toestemming van de GGD gekregen om mij te vervangen mits het max. aantal kinderen in acht genomen wordt. Mijn tweede achterwacht is Joke Schreutelkamp en is tevens oma van het gezin, maar wordt meestal ook als “oma” gezien door de kinderen.
Zij is regelmatig aanwezig, zodat ze alle kinderen ook goed kent en juist kan handelen in een noodsituatie. Ze is ook in het bezit van een VOG.

2.2 Speelgoed en slaapruimte

Er is voldoende speelgoed aanwezig voor kinderen van 0-4 jaar. Maar ook voor de oudere kinderen. Het is ontwikkelingsgericht speelgoed, zo zijn er bijv. Voor baby’s rammelaars, knisperboekjes aanwezig, is er primo, nopper en duplo om het ruimtelijk inzicht te vergroten en te leren ‘bouwen’. Er is een keukentje met benodigdheden, auto’s met een auto mat en natuurlijk zijn er ook poppen, puzzels, knutsel materiaal en boekjes op verschillende niveaus aanwezig. Voor oudere kinderen is er bijvoorbeeld Playmobil aanwezig. Zo kan ieder kind zich ontwikkelen in zijn of haar tempo.

Regelmatig wordt het speelgoed gecontroleerd en stuk speelgoed wordt gelijk weggegooid. Natuurlijk wordt het speelgoed ook dagelijks schoongemaakt.

De voortuin is kindvriendelijk ingericht en is ook voorzien van voldoende buiten speelgoed. Er zijn vlak bij mijn huis verschillende speeltuintjes; hier wordt ook regelmatig (onder toezicht) buiten gespeeld.
En we gaan regelmatig in de omgeving wandelen.

Het huis is hygiënisch, kindvriendelijk en rookvrij.

Er zijn twee slaapkamers die worden gebruikt voor de gastouderopvang. Op één slaapkamer staat een duo ledikant; deze kamer wordt veelal gebruikt voor de kinderen die 1,5 jaar of ouder zijn. Op deze slaapkamer slapen ook wel eens kinderen onder de 1,5 jaar, maar dan alleen op de momenten dat zij deze kamer tot hun eigen beschikking hebben. Op de andere slaapkamer staat een gewoon ledikant. Hier slapen vaak de kinderen tot 1,5 jaar. Ook zijn er twee stretchers aanwezig voor de kinderen die niet zo lang meer hoeven te slapen en even willen rusten. (en meestal toch even in slaap vallen) zo komen de kinderen zoveel mogelijk tot rust.
De GGD adviseert slaapzakken tijdens het slapen en die nemen de ouders mee voor het kind (dit komt overeen met het protocol veilig slapen) en er worden ook lakentjes/ kinderdekens gebruikt. De opvangkinderen slapen in principe allemaal op de rug. Wanneer een vraagouder wil dat het kind op de buik slaapt of ingebakerd wordt, moet hiervoor een apart formulier worden ingevuld en deze wordt dan zorgvuldig bewaard in de map met kind gegevens.

2.3 Risico inventarisatie

Minimaal één keer per jaar komen de verschillende gastouderbureaus waar ik mee werk langs voor een risico-inventarisatie. Uit de risico-inventarisatie komt een verslag en eventueel een actieplan voort. In een actieplan staan de gevaarlijke situaties benoemd en welke acties er door Ilja moeten worden genomen om deze gevaarlijke situaties te voorkomen. In het verslag staan ook afspraken waaraan ik me moet houden om risico’s te verkleinen.
Er is van elk gastouderbureau waar ik mee werk een risico-inventarisatie aanwezig of online in te zien.

2.4 Vervoer

Meestal ga ik gewoon met de kinderen wandelen, aan de hand of met de wandelwagens. Af en toe gebruik ik de auto, als vraagouders dat niet willen kunnen ze dat aangeven.
Natuurlijk ben ik in het bezit van een inzittenden autoverzekering.
Ook zijn er goedgekeurde auto- en fietsstoelen aanwezig, die zijn afgestemd op leeftijd en gewicht van de kinderen.
Er wordt ook gebruik gemaakt van diverse soorten wandelwagens. Zo is er een buggy aanwezig en een fietskar voor twee kinderen. Ik draag er zorg voor dat deze altijd netjes en goed zijn onderhouden. Tijdens het wandelen geven kinderen een hand of we maken afspraken dat ze bij mij blijven lopen. Kleine kinderen gaan in de wandelwagens. Dat bekijk ik per keer.

Sommige kinderen mogen buiten de tuin spelen. Die ouders hebben daar schriftelijk toestemming voor gegeven. Als blijkt dat die kinderen zich niet aan de afspraken houden, wordt de afspraak in overleg met de ouders weer ingetrokken.

2.5 Ongevallen registratie

Wanneer een kind zich ernstig bezeert, wordt er altijd contact opgenomen met de desbetreffende vraagouder. Het wordt ook gemeld aan het betreffende gastouderbureau wanneer ik bij een (huis)arts of andere professionele hulpverlener ben geweest. Dit doe ik door een (bijna-)ongevallenregistratieformulier in te vullen. Dit ingevulde formulier wordt bewaard in de map kind gegevens, maar wordt ook opgestuurd naar het gastouderbureau.


2.6 Kindermishandeling en Meldcode Huiselijk Geweld

De gastouderbureaus waar ik bij aangesloten ben, maken gebruik van de Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling van de Brancheorganisatie Kinderopvang. Deze is bedoeld voor alle beroepskrachten die in de kinderopvang werken. In de Meldcode staat een stappenplan beschreven waarnaar vraagouder, gastouder of gastouderbureau moeten handelen bij het signaleren van huiselijk geweld of kindermishandeling.
Deze Meldcode is online in te zien.

3. Pedagogische doelen

3.1 Het bieden van emotionele veiligheid

Ik vind het erg belangrijk dat het kind zich thuis en veilig voelt. Dat begint met het kind te laten wennen, voordat het kind start in de opvang. Meestal is dat op een ochtend van 9.00 tot 11.00 uur.
Ik streef er dan ook na om de aandacht, warmte en de liefde die het kind thuis krijgt na te bootsen in mijn gastouderopvang. Dit doe ik bijvoorbeeld door een kind te troosten als het verdrietig is, maar ook door af en toe samen te knuffelen, samen te spelen, samen te kletsen, samen te zingen, samen een boek te lezen. De kinderen ook te leren om zelf te spelen. Er wordt elke dag een klimaat geschept waarbij het kind zich veilig en vertrouwd voelt en met plezier kan spelen en ontwikkelen.
Ik zal dan ook, tijdens de opvang, de dagelijkse dingen doen die thuis ook worden gedaan. Enkele voorbeelden zijn: samen was vouwen, samen naar de winkel om een boodschap te doen, samen lunchen aan tafel, enzovoort. Dit doe ik om zo een vertrouwde omgeving te creëren waardoor het kind zich thuis voelt. Vast terug kerende momenten zijn: vrij spelen, fruit eten, activiteit en/of buiten spelen/wandelen, brood eten, zo nodig slapen, drinken met een biscuitje, cracker/rijstwafel en daarna natuurlijk weer het ophalen van de kinderen. Zo kan het kind opgroeien tot een evenwichtig, zelfstandig en uniek persoon met respect voor anderen en zichzelf. De ouders/verzorgers blijven echter te allen tijde de eindverantwoordelijk houden.

Wennen:
Als de vraagouder met de gastouder een overeenkomst is aangegaan, is er een mogelijkheid om het kind (en de ouders) van te voren te laten wennen. Zodat het kind zich snel veilig en vertrouwd voelt in de nieuwe omgeving. Na de eerste keer wennen kijken we samen of nog een keer wennen wenselijk is of dat de opvang al gelijk kan starten met een halve of hele dag. Na ongeveer twee maanden vindt er een evaluatiegesprek plaats tussen vraag- en gastouder en de bemiddelingsmedewerker om te zien of alles naar wens verloopt. Dit wordt schriftelijk vastgelegd door het gastouderbureau en aan alle partijen verstrekt.
Continuïteit:
Kinderen hechten zich aan vertrouwde personen en omstandigheden. Hoe beter het kind zich gehecht heeft, hoe veiliger het zich voelt. Als gastouder streef ik er naar om een zo groot mogelijke regelmaat in de opvang te hebben en heb ik mijn man als vaste vervanger als ik ziek/ vrij ben als hij thuis is. De kinderen kennen hem ook heel goed en zo hoeven de kinderen niet naar verschillende opvangadressen. Het bieden van veiligheid, geborgenheid vind ik belangrijk.


3.2 Ontwikkeling van persoonlijke competenties

Ik vind dat ieder kind uniek is en ieder kind ontwikkelt zich ook in zijn/haar eigen tempo. Ik vind het belangrijk om elk kind te stimuleren, door ze het voor te doen en daarna aan te moedigen het ook te proberen en niet zegt: oh dat moet je al wel kunnen hoor! Wanneer ik mij zorgen maak over de ontwikkeling van een kind, bespreek ik dit met de desbetreffende vraagouder(s). (en eventueel met de bemiddelingsmedewerker van het gastouderbureau).
Het kind kan bij mij zelfstandigheid, zelfvertrouwen, flexibiliteit en creativiteit ontwikkelen. Natuurlijk mogen ze de dingen ook zelf ontdekken door ze het eerst zelf te laten doen. Enkele voorbeelden hoe ik het kind hier bij help zijn: het kind leert met zijn/haar vork brood te eten en een kind leert om zelf zijn/haar jas aan te doen. (met soms een beetje hulp van mij)
Als de kinderen met eigen ideeën of oplossingen komen, gaan we die ook proberen.
Er wordt met enige regelmaat geknutseld; gekleurd, geverfd, getekend. Zo wordt er bij alle jaarthema’s (herfst, winter, zomer, lente, Pasen, Kerst, Sinterklaas, Moederdag en Vaderdag) een knutselwerkje gemaakt.
Ik beloon het kind als er iets goed is gegaan door bijvoorbeeld een duim omhoog te steken of een aai over de bol te geven, maar ook door samen een sticker te plakken als het kind een plas heeft gedaan op de wc. Ook krijgen de kinderen geregeld een complimentje. Wat vaak nog het positiefste werkt!

Door alles te benoemen, leren de kinderen nog meer woorden en zijn we meer op elkaar gericht. Ik vertel de kinderen wat ik ga doen en hierdoor wordt de taalontwikkeling gestimuleerd. Ook wordt er geregeld samen een boek gelezen en samen gezongen, ook dit stimuleert de taalontwikkeling. Zo leert een kind goed te communiceren.

3.3 Ontwikkeling van sociale competenties

De sociale competentie houdt in dat het kind leert om goed te communiceren, samen te spelen, anderen te helpen en problemen voorkomen en oplossen. Hierdoor geef ik de kinderen de kans om zich te ontwikkelen tot personen die goed kunnen functioneren in de samenleving.
Samen spelen wordt ook veel gedaan. Uit ervaring weet ik dat kinderen naar elkaar toe trekken en op deze manier ook samen gaan spelen. Als de kinderen nog jong zijn, zie ik vaak dat de kinderen al wel naast elkaar gaan spelen, vanaf ongeveer 2,5 jaar beginnen de kinderen interesse te krijgen om samen te spelen. Dit stimuleer ik ook door samen met de kinderen te spelen en ze dan allemaal bij het spel te betrekken. Of juist in tweetallen te laten spelen, zodat ze tot een ander spel komen. Als kinderen ‘ruzie’ maken, iets van elkaar afpakken, dan kijk ik eerst even hoe ze het zelf oplossen. (meestal lukt ze dat wel!) Als ze er samen niet uitkomen help ik ze erbij. Door bijvoorbeeld te vragen: Wie had de trein het eerst? Zullen we het dan even terug geven aan….. Of: als …. er zo klaar mee is, dan mag jij ermee spelen.
Er is een box, waar de baby’s hun eigen spel kunnen hebben. Ik vind het belangrijk dat de kinderen al op jonge leeftijd wennen aan de wat grotere kinderen om hun heen. Zo leren ze rekening houden met elkaar. Dus zowel de grote (lopende/kruipende) kinderen als de baby’s spelen ook wel samen op de grond. De baby’s liggen (op een kleed) op de grond en ontdekken op deze manier de wereld. Als ze leren rollen hebben ze ook de ruimte om te kunnen rollen en te kunnen ontdekken. De grote (lopende/kruipende) kinderen leren zo ook om voorzichtig om te gaan met een baby. En hebben ook de mogelijkheid tot hun eigen spel.

3.4 Normen en waarden

Bij het overdragen van normen en waarden fungeer ik (en mijn gezin) als voorbeeld. Doordat ik zelf het goede voorbeeld geef, leren ze het gewenste gedrag. Situaties met betrekking tot normen en waarden waarin ik handelend optreed en het goede voorbeeld geef zijn onder andere:

  • taalgebruik; ik accepteer geen grof taal gebruik, zo nodig corrigeer ik dit gedrag als het zich voordoet.
  • problemen uitpraten; natuurlijk op ‘kind hoogte’.
  • wat goed en wat is slecht; vanuit de Bijbel en vanuit het respect voor elkaar.
  • sociaal gewenst gedrag; we zijn bijvoorbeeld allemaal even stil voordat we gaan eten, voor de kinderen die zelf of gezamenlijk willen bidden.
  • regels en etiquette; we proberen bijvoorbeeld om met de vork te eten, netjes met je lippen op elkaar eten, niet met volle mond praten, zoals we in onze cultuur gewend zijn. We praten er ook wel eens over, dat het thuis soms wel eens anders gaat, dat je dan wel met je handen mag eten. Of als we gaan picknicken, gelden er ook andere regels. Dan eten we de boterham gewoon uit de vuist!

Samengevat is de werkwijze van Ilja:

  • Ik waardeer het kind zoals het is en geef uiting aan deze waardering. Neem het kind, zijn emoties en gevoelens serieus.
  • Ik beloon en corrigeer volgens de afspraak met de kinderen.
  • Ik blijf consequent en handel op een herkenbare en duidelijke manier in een bepaalde situatie.
  • Ik ondersteun het kind bij het verwerken van gevoelens.
  • Ik begeleid het kind bij emoties zoals blijdschap, verdriet, boosheid, angst en vreugde.
  • Ik creëer een veilige en vertrouwde opvangomgeving.
  • Ik steun het kind en bied het kind warmte en geborgenheid.

Ik vind het erg belangrijk dat de vraagouders met mij op één lijn zitten, dit wil zeggen dat ik het belangrijk vind dat er zowel thuis als bij de opvang veel dezelfde normen en waarden worden gehanteerd. Ik hou hier de regels/waarden/normen aan zoals beschreven in dit plan. Zo is het voor een kind al snel duidelijk wat wel en niet mag. Al zijn kinderen ook best flexibel en hebben ze al gauw in de gaten dat het hier soms anders gaat dan thuis.

4. Kenmerken van de gastouderopvang:

  • De opvang is flexibel en kleinschalig en kan daardoor ( voor een groot gedeelte) tegemoet komen aan de specifieke wensen van de vraagouder.
  • De leeftijd van de kinderen kan variëren van 0 jaar tot het einde van de basisschoolleeftijd.
  • De opvang kan in de eigen woon- of leefomgeving plaatsvinden.
  • Als gastouder voldoe ik aan de door het gastouderbureau opgestelde selectiecriteria en ben ik geregistreerd in het landelijk register kinderopvang. LRKP nummer: 181388327.
  • Sta ik ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en ben dus een zelfstandig ondernemer.

5. Voorwaarden en kwaliteitsbewaking bij Ilja
Als gastouder streef ik naar kwalitatief goede opvang. Om de kwaliteit te bewaken heb ik de volgende werkwijze:

  • Ik mag als gastouder maximaal 6 kinderen opvangen van 0 – 13 jaar. Daarbij worden mijn eigen kinderen tot 10 jaar meegeteld.
  • Als gastouder vang ik niet meer dan 5 kinderen per dag op, als deze allemaal jonger dan 4 jaar zijn.
  • Er mogen maximaal 4 kinderen van 0 en 1 jaar gelijktijdig aanwezig zijn, waarvan maximaal 2 kinderen van 0 jaar.
  • Als gastouder kan ik terug vallen op 1 van mijn achterwachten, zij kunnen in geval van calamiteiten snel aanwezig zijn.
  • Als gastouder ben ik, zo ook mijn echtgenoot, in het bezit van een geldige verklaring omtrent gedrag.
  • De vraagouder verleent de gastouder vrijheid van handelen m.b.t. het bezoeken van een dokter of tandarts dan wel spoedeisende hulp. In andere situaties, die geen noodzaak hebben, wordt de vraagouder verzocht zelf langs dokter of tandarts te gaan.
  • Beide partijen zijn verplicht om een aansprakelijkheidsverzekering af te sluiten en zo nodig in te schakelen bij schade.
  • De vraagouder dient zich te houden aan de afgesproken breng- en haaltijden, bij afwijken hiervan neemt de vraagouder contact op met de gastouder om te bespreken of het kind langer kan blijven. Indien dit niet het geval is zal de vraagouder moeten zorgen dat een ander persoon hem ophaalt, als de vraagouder er zelf niet toe in staat is. En aan de gastouder doorgeven wie het kind komt halen.
  • Tussen vraagouder en gastouder wordt een overeenkomst gesloten met betrekking tot afspraken over opvangtijden, vakantie, vrije dagen en ziekte. Er is een opzegtermijn van 1 maand.
  • De bemiddelingsmedewerker van het gastouderbureau neemt 1 keer per jaar de verplichte risico- inventarisatie door met de gastouder.
  • Het gastouderbureau heeft een protocol: Vermoeden Kindermishandeling, als gastouder is deze digitaal te lezen en ben ik daarvan op de hoogte.